Speltheorie

“Waar denk je nu aan?”

Voor menig man schijnt dat de ergste vraag te zijn die zijn vrouw kan stellen. Maar ook voor andere mensen is het best een lastige vraag. De weg om uit te drukken wat er in je hoofd omgaat is bezaaid met valkuilen en struikelblokken, zeker als het om schriftelijke uitdrukkingen gaat. Elke methode om de weg te effenen zou dus toegejuicht moeten worden. Een spellingshervorming is zo’n vereffeningsmethode, die echter te weinig wordt benut.

Volgens betrouwbare bronnen is het belangrijxte kriterium voor spelling dat je een woord schrijft zoals je het uitspreekt. Maar je hoeft maar een zin als dezu tu lezun om te zien dat dat onzin is. Mijn favoriete fonetische fenomeen komt uit het Engels: ‘ghoti’ betekent ‘fish’, als je het uitspreekt met de ‘gh’ van enough, de ‘o’ van women en de ‘ti’ van nation. Zo extreem is het niet in het Nederlands, maar op school kost het leren van de juiste schrijfwijze onevenredig veel tijd. Welligt licht hier een oplossing voor het lerarentekort. Een spellingchecker behoedt ons zogenaamd voor domme fouten, maar het ziet in de vorige zin domweg geen fout in ‘licht’ en wel in ‘welligt’. Een dt-fout maakt een enigszins ongeletterde indruk, terwijl je het verschil niet zou kunnen hóren. En als we echt de klank als leidraad zouden nemen, zouden we toekunnen zonder c, f, q, x en y (al zou ik persoonlijk de x missen als snelle weergave van ‘ks’) of een wetenschappelijk transliteratiesysteem kunnen gebruiken (zoals woordenboeken voor vreemde talen die gebruiken).

Ik heb zojuist wat historische, linguïstische, logische, technologische, pedagogische en maatschappelijke aspecten van spelling aangeduid. Maar het is ook voer voor filosofen. Het meest in de buurt komen de (post)structuralistische doordenkingen van de afstand tussen het gesproken en geschreven woord. Spelling speelt daarin echter een marginale rol, voorzover ik weet, terwijl juist spelling geheimen kan blootleggen van specifieke redeneerwijzen, machtsstructuren, (inter)subjectiviteit en nog meer. Het zou best kunnen dat ik de impact van een adequate spelling overschat. Maar tot nu toe is die volgens mij onderschat. Een goede speltheorie kan de kloof tussen denkbeeld en uitdrukking helpen verkleinen. Daar denk ik aan. En u nu ook.