Een jaar van vrees en beven

2020 was het jaar van de angst. Alle reacties erop hebben we gezien: verstijven, vechten, vluchten, vuurwerk afsteken, wc-papier hamsteren. Door angst voor de angst liep het iedereen tijdens de eerste golf alvast dun door de broek. De belangrijkste v is overigens de v uit het verhaal van Abraham: vertrouwen.

Abram is gesetteld, midlife, kinderloos, weinig toekomst. ’t Zal hier haast zijn gedaan, weet hij. Hier in Haran is het niet. Als de Stem hem uitnodigt om op reis te gaan naar een nieuwe toekomst, grijpt hij die kans met al zijn kamelen aan. Er was geen enkele basis voor dat vertrouwen maar dat hoort erbij. Het is een sprong. Die sprong moet je durven maken. Je kunt over je eigen angsten nadenken, jezelf vragen stellen: is mijn angst voor de toekomst reëel, waarom maak ik mijn angst zo groot etc.? Dat helpt, net als het lezen van Soφie. Je verstand gebruiken werkt therapeutisch. Maar het denken houdt een keer op. Je kunt niet via de spiegel leven en van jezelf een object blijven maken. Je  moet de wereld van het denken loslaten om je over te geven aan het actieve leven, leest u Jan Hoogland.

Het vertrouwen van Abram wordt beloond. De toekomst krijgt steeds meer gestalte, een nieuwe plek onder de zon, een zoon om trots op te zijn. Voor Abraham zit het erop. Hij kan in vrede heengaan, want zijn toekomst op aarde is verzekerd. Of toch niet? Juist die toekomst moet hij weer opgeven, offeren zelfs. Abraham zal hierover ongetwijfeld onderhandeld hebben, zoals hij ook over Sodom onderhandelde. “Mijn Heer worde toch niet boos, als ik mij tot Hem richt. Hoe zal het offer van een kind U gunstig stemmen? Is dat offer geen gruwel in uw oog? Neem niet mijn geliefde zoon. Neem mij!” Maar dat is nu het punt in de test. God beproefde Abraham. Wat wilde Hij weten? Niet of Abrahams liefde onvoorwaardelijk was. Niet of Abraham Hem liefhad boven alles. De liefde tot een kind kan niet concurreren met de liefde voor God. Daarvan een strijd maken zou pervers zijn. Maar dat staat allemaal niet beschreven in het verhaal van Genesis, net zomin als de innerlijke dialoog van Abraham uit Hebreeën: “Terwijl er tegen hem gezegd was: ‘Alleen door Isaak zul je nageslacht krijgen’, zei hij bij zichzelf dat het voor God mogelijk moest zijn iemand uit de dood op te wekken, en daarom kreeg hij hem ook terug, bij wijze van voorafbeelding.” Die woorden lijken me een theologische uitdrukking van een vertrouwen dat hij niet zo zal hebben gekend. Abraham zal niet meer hebben gedacht dan: ik weet niet hoe, maar het komt goed, de Heer zal erin voorzien. De test ging om het vertrouwen: vertrouw je op de toekomst met jouw invulling of op de toekomst met mijn invulling?

Op veel manieren nemen we aanstoot aan het verhaal, aan het kindoffer, aan de moordenaarshand van Abraham, aan het hele idee van beproeving. Beproeving is ons vreemd. Hoe kun je ineens alle regels, alle waarden buitenspel zetten? Mensen zijn geen proefkonijn! Daarin zijn we echter dubbelhartig. We zijn wel degelijk bereid om onszelf op te offeren, om risico te nemen en we verbinden er zelfs vergezichten aan. We willen een toekomst veiligstellen. Geen vaccinatie of human enhancement zonder testpopulatie. Aan de andere kant: geen natuurramp die geen beproeving voor mensen betekent.

Houd moed! En als het wc-papier op is, gebruik gerust Soφie. Hier zeggen we: kräntiens veur de kakdeuze bint as de kruke van de weduwe.