De banaliteit van goede bedoelingen

Hannah Arendt noemde het kwaad van Eichmann banaal, omdat hij het kwaad gedachteloos deed, zonder met zijn geweten in gesprek te zijn. Jan Hoogland verkent de gedachte of Eichmann wellicht uit goede bedoelingen handelde, althans, volgens zichzelf. Zijn we niet allemaal overtuigd van onze eigen goede bedoelingen? Maar wat betekent dat dan als we die bedoelingen zelf niet telkens onder kritiek stellen?   In twee opeenvolgende bijdragen ben ik ingegaan op de ‘banaliteit van het kwaad’ en de ‘banaliteit van het goede’. De eerste notie is geïntroduceerd door Hannah Arendt in haar boek over het Eichmann-proces, Eichmann in Jeruzalem. De tweede notie was een soort gedachte-experiment: zou je met Arendts notie in het achterhoofd ook van de banaliteit van het

Verder lezen?
De verdere inhoud van dit artikel of deze pagina is voorbehouden aan onze abonnees (u kunt hier inloggen).
Bent u nog geen abonnee, vraagt u dan een proefnummer aan, of registreert u zich direct online voor een abonnement.