Warning: Memcache::addserver() expects parameter 2 to be long, string given in /home/httpd/vhosts/sophieonline.nl/httpdocs/libraries/joomla/cache/storage/memcache.php on line 84
Kennen van God geeft diepe vreugde en geluk
Sophie
Sophie Sophie


Vraag nu een
GRATIS
proefnummer aan!

Vraag nu een gratis proefnummer aan!
Missie
Soφie is een uitgave van de Stichting voor Christelijke Filosofie. Zij biedt een intellectuele uitdaging door kritisch na te denken over actuele onderwerpen, geïnspireerd door de christelijke traditie.

Redactie
ing. P. de Boer
dhr. A. Deddens
mevr. drs. E.J. van Dijk
mevr. drs. M. Doornenbal
mevr. drs. R. Ebbers-van Aalst
dr. J. Ester
drs. I.D. Haarsma
prof. dr. J. Hoogland
dhr. A. Janse
dr. ir. R.A. Jongeneel
mevr. drs. D.G. Rots
dr. P.H. Vos
dr. K. van der Zwaag
Kennen van God geeft diepe vreugde en geluk PDF Print Email
Written by   

Strijdt menselijk geluk met het kennen van God? Volgens de Amerikaanse baptist John Piper niet. Integendeel, wie God kent, ervaart het hoogste geluk. Dan wordt het pas echt genieten. Verslag van een ontmoeting met een ‘christen-hedonist’.

Volgens Piper is het een veelvoorkomende gedachte in de geschiedenis van het christendom dat God kennen en dienen de mens ongelukkig maakt. Hij laat zien dat het tegengestelde waar is: wie God kent, is onder de indruk van zijn luister en grootheid, die wordt door zijn vreugde aangestoken. ,,God blijft de heerlijke vervulling van al onze wensen.’’ De dragende gedachte van zijn werk is: ,,God wordt het meest verheerlijkt in ons als wij volkomen voldoening vinden in hem.’’

Vanaf de middeleeuwen heeft de gedachte postgevat dat God de onbewogen Beweger is, een kosmische intelligentie die ervoor zorgt dat de kosmos bezield is en ‘draaiend’ gehouden wordt. God kan alleen zichzelf liefhebben, hij heeft geen relatie met de mens en de wereld. De christelijke theologie ziet God volgens Piper terecht als een in zichzelf volmaakt wezen wiens geluk de volkomen vreugde is die hij schept in zichzelf, maar zijn geluk wordt vermeerderd doordat hij zijn vreugde en geluk deelt met mensen. ,,Met hart en ziel verlangt God samen met ons naar onze eeuwige vreugde, omdat onze vreugde om hem zijn glorie en oneindige verhevenheid nog groter maakt.”

Ook al is het waar dat God de schepping beslist niet nodig heeft en volkomen gelukkig is in de eeuwige gemeenschap van de Drie-eenheid, toch kent hij een vreugde die naar meer verlangt, die voortdurend wil overvloeien naar anderen. ,,God verlangt naar de meervoudige vreugde die ontstaat wanneer anderen delen in de vreugde die hij in zichzelf vindt.’’

Piper laat heel wat Bijbelteksten de revue passeren waarin de gelovige zich in God verheugt. De beloning die de gelovige ontvangt, is de vreugde in God, de volmaakte vreugde om op God te lijken en lief te hebben wat hij liefheeft, met een intensiteit die in de buurt komt van Gods intensiteit. De christen gaat zijn beeld vertonen als hij zo zijn volheid en luister geniet. God is de diepste vervulling van al onze verlangens.

Vreugde als insteek

Waarom niet insteken bij geloof (in plaats van vreugde), zo vraagt Piper. Hij antwoordt dat veel christenen wel geloven, maar zijn ze ook werkelijk vervuld met liefde? Piper lijkt de lat hoog te leggen maar hij wil de Bijbelse overtuiging verwoorden dat de geloofsrelatie een liefdesrelatie is. Is Jezus niet het hoogste Goed waar je niet op uitgekeken raakt? De vergelijking met een huwelijk is niet overbodig: als de relatie tussen man of vrouw koud en gevoelloos is, is dat geen teken dat er met de relatie iets grondig mis is? ,,Als je helemaal niet verlangt naar de schoonheid van Christus, welke goede reden heb je dan om naar Christus toe te gaan?’’

Piper verwoordt hiermee iets dat uitdrukt dat God om zichzelf bemind moet worden. Er zit niet iets berekenends in, geloof of religie als middelen om er ‘beter’ van te worden of alleen bevrijd te worden van eeuwige straf. Dat verwoordde Augustinus al: het aardse leven moet je ‘gebruiken’ en God ‘genieten’ om zichzelf. God is namelijk geen middel voor ons doel. Piper: ,,Aanbidding is een doel op zich, omdat we op die manier God verheerlijken door eeuwig van hem te genieten.’’ ,,Aanbidding is het feestmaal van het christelijk hedonisme.’’

Mijn oordeel is dat Piper veel te bieden heeft. Hij brengt om zo te zeggen God direct bij de mens, hoewel God zijn anders-zijn niet verliest. Piper laat zien dat het kennen van God het hart vervult en diepe vrede geeft. Kennen is een relatie waarin de gehele mens meedoet, zoals Piper in zijn boek over het gebruik van het menselijk verstand laat zien. Hij keert zich daarin tegen het anti-intellectualisme van veel Amerikaanse christenen. De taak van alle christelijke wetenschap is om de werkelijkheid te bestuderen als weerspiegeling van Gods luister.

Augustinus en Pascal

Piper knoopt aan bij een traditie die onder anderen Augustinus en Pascal verwoordden. Ieder mens is op zoek naar geluk en vindt dat alleen in God, als degene die ware rust en vrede geeft. Dit perspectief heeft te maken met de eindigheid van de mens die alleen vervulling kan vinden in de Oneindige. Piper is sterk beïnvloed door Jonathan Edwards die de relatie met God doorgaans aanduidt met symbolen die hartstocht, ervaring en gevoel, ja, genieten uitdrukken. Dat verhindert niet dat Edwards ook kritisch kan staan ten opzichte van verkeerd emotionalisme. Echte gevoelens, waarmee we Gods majesteit vereren, komen alleen voort uit echte kennis van zijn glorie. ,,Als christenen academisch werk doen zonder echt op God gericht te zijn, dan heeft dat met wetenschap niets te maken.’’ Nadenken gaat niet ten koste van voelen, genieten of liefhebben. Hoofd en hart versterken elkaar wederzijds, maar het is volgens Piper duidelijk dat het hoofd vooral in dienst staat van het hart. ,,Dat wil zeggen: het hoofd dient om de waarheid te ontdekken en zo het vuur van het hart te ontsteken. Het toppunt van God eren is van harte blij zijn van hem.’’

Toch blijft het voor mij de vraag om zijn theologie met ‘christen-hedonisme’ te typeren. De term is mijns inziens te zeer belast met het moderne begrip hedonisme, dat juist het egoïstische streven naar geluk verwoordt. Ik geef toe dat na 25 jaar de term eigenlijk niet meer te vervangen is en een soort ‘merknaam’ van Piper is geworden. Maar het al dan niet accepteren van deze term doet niets af van de boodschap die Piper de mens voorhoudt. En die is dat God kennen en dienen en eigen geluk en vreugde niet tegenstrijdig aan elkaar zijn.

Naar aanleiding van

John Piper, Verlangen naar God. Overdenkingen van een christenhedonist; 362 pag. € 22,50; De vreugde van God, 316 pag. € 22,50; Gebruik je verstand, 223 pag. € 19,95, uitgeverij Van Wijnen, Franeker

 
Sophie